Zonderhuis

De familie Sonderhuijs of Zonderhuis
 
Bij het onderzoek naar de familie Rooders, kwam in de oudste gegevens de naam Sonderhuijs tevoorschijn.
Het was Maria Sonderhuijs die in 1808 in Alkmaar met Franciscus Rooders trouwde.
Waar kwam die naam Sonderhuijs dan vandaan?

Volgens het Meertens instituut, de Nederlandse familie namen databank, is het een “adresnaam”. Een adresnaam gebruikt als achternaam, gaf aan waar iemand woonde of vandaan kwam.  Dit zou betekenen dat de oudst gevonden Sonderhuis (Barend), niet van Alkmaar afkomstig was, en mogelijk met een van de vele groepen soldaten mee was gekomen die in Alkmaar gelegerd waren. Dit tevens de verklaring voor de naam Sonderhuijs, het moment dat Barend eigenlijk geen vaste woon of verblijfplaats meer had.

De naam Zonderhuis of Sonderhuijs is niet groot in Nederland, en volgens het Meertens instituut waren er in 1947 slechts 21 personen in NL die de naam droegen, in 2007 waren dat er nog maar 40.
Opmerkelijk is wel dat deze allen op een na nog steeds in de provincie Noord Holland waren en met name in en rond Alkmaar. De aantallen zijn vergelijkbaar met die van de naam Rooders, alhoewel die naam meer door het land verspreidde.

Het is de tijd van de Republiek der Nederlanden, 1588 – 1798, en meer precies het tweede stadhouderloze tijdperk dat van 1702 tot 1747 duurde. Alkmaar was een van de grotere garnizoens steden, en grote groepen soldaten en werklieden kwamen naar de stad die hiermee een economische groei maakte.

De oudst gevonden Sonderhuijs in Alkmaar was een Barend Gerritszn Sonderhuijs. Weinig is over hem bekend, alleen een huwelijk en zijn overlijden.
In Januari 1747 huwt Barend Sonderhuijs met Helena Robbers of Robben. De inschrijving (stadstrouw dus op het stadhuis) vermeld jongman en jonge dochter, hetgeen zoveel betekend als dat beiden niet eerder gehuwd waren.

Uit dit huwelijk worden twee kinderen gevonden, Gerardus en Joannes. Bij beide doop inschrijvingen wordt Helena vermeld als Lena Robbers.
Deze katholieke doopinschrijvingen vonden plaats in de registers van de St. Mathias kerk in Alkmaar.

De katholieken werden lange tijd onderdrukt, en pas vanaf 1795 werd het katholieke geloof weer gedoogd. Op dat moment waren er in Alkmaar nog vier kleinere staties:  Mathias, Laurentius, Dominicus en Francscus, allen met gelijknamige parochies en een groeiend aantal katholieken.
In 1856 besloot de bisschop van Haarlem de eerste twee staties op te heffen, en deze twee parochies in een op te laten gaan. De nieuwe St. Laurentius kerk was in aanbouw en werd als hoofdkerk van Alkmaar de bewaarplaats van het Relikwie van het Heilig Bloed. De nieuwe St. Laurentius kerk werd  in 1861 in gebruik genomen.   

Na de geboorte van de genoemde twee kinderen komt Lena Robbers waarschijnlijk jong te overlijden. Barend huwt een tweede maal, en wordt in deze inschrijving vermeld als weduwnaar.
Dit tweede huwelijk vind plaats in September 1751, wederom voor het gerecht in Alkmaar, en als bruid wordt vermeld de jonge dochter Anna (Antje) Wessels (Westen). Ook uit dit huwelijk zijn weer twee kinderen bekend, Mathijs en Joannes.
De inschrijving vermeld verder dat Barend woonachtig was in de Nieuwpoort.

Het buurtschap Nieuwppoort ontstond toen het grondgebied van de stad werd vergroot, waarmee de zuidelijke ingang van de stad naar de polder toe verschoof.

Barend komt te overlijden in Oktober 1772. Zijn begraaf inschrijving vermeld “oud soo men meent 70 jaren” Hij zou dus geboren moeten zijn rond het begin 1700. Die inschrijvingen waren vaak niet correct. De aangevers waren buren of bekenden die niet de juiste gegevens wisten, en ook de persoon die de inschrijving maakte, deed dit nogal eens met de nodige fouten.

Barend is ook gevonden onder het patroniem Barend Gerritszn Sonderhuis. Dit houd in dat zijn vader een Gerrit geweest is. De vernoemings regels zoals die in gebruik waren, de eerste zoon wordt naar de vader van de vader vernoemd, versterken dus het nog niet bewezen feit dat de genoemde relaties moeten kloppen. De eerst geboren zoon Gerardus, zal als roepnaam Gerrit gehad hebben.

Joannes uit het eerste huwelijk zal jong gestorven zijn, in het tweede huwelijk van Barend wordt een nieuw geboren zoon weer Joannes genoemd. Over beiden is echter nog niets terug gevonden.

Uit het tweede huwelijk werd ook een zoon Mathijs of Mathias geboren, en samen met zijn halfbroer Gerardus (Gerrit) zorgen zij voor de voortzetting van de naam Zonderhuis.

Generatie twee
 
Allereerst Gerardus. Hij werd gedoopt op 27 November 1747, en zal later net als zijn vader door het leven gaan als Gerrit.

Later, op zelfstandige leeftijd vestigde hij zich binnen het stadscentrum, diverse aktes geven zijn domicilie aan op de Laat, de nog steeds bestaande en huidige winkelstraat. Het is niet bekend hoe hij in het levensonderhoud voor zijn gezin zorgde.

Van oudsher was Alkmaar een regionale markt en handels centrum. Boeren uit de omtrek kwamen naar Alkmaar om hun producten te verhandelen, en gezien het grote aantal herbergen, tapperijen en schenkerijenmaakten van Alkmaar een bedrijvige marktplaats. Daarnaast waren er nog de leerlooierijen, touwslagers, kalkovens en molens. Veel van de Alkmaarder inwoners vonden in deze sectoren hun bestaansmogelijkheden. Rond 1750 waren er ongeveer 8000 in ALkmaar, waarvan er ongeveer 5000 tot de Pro Deo, of minder danwel on vermogende klasse behoorden.

Op 26 jarige leeftijd huwt Gerrit Zonderhuis met Maria de Smit of Smet.
De huwelijks inschrijving werd gedaan in April 1773, en beiden werden vermeld als niet eerder gehuwd. Jongman en jongedochter dus. Maria zal ongeveer van dezelfde leeftijd geweest zijn, maar het is nog niet duidelijk waar zij vandaan kwam. Uit het huwelijk worden vier kinderen geboren, allen gedoopt in de Laurentius kerk.

Maria komt echter jong te overlijden, en wordt begraven op 18 December 1787 in Alkmaar. De inschrijving in de gaarder registers vermeld dat zij 41 jaar oud was, dus zij moet geboren zijn rond 1746 of 1747. Gerrit blijft alleen achter met de nog jonge kinderen, maar vind hulp met een nieuwe bruid.

Op 20 April 1788 huwt hij een tweede maal, met Trijntje Claasse Bakker. De inschrijving vermeld correct Gerrit als weduwnaar, en Trijntje als jongedochter. Maar ook dit huwelijk is niet onder een goed gesternte gesloten.
 

De 10 jaar tussen 1779 en 1789 kenmerken zich door diverse rampen binnen NL. In 1779 breken er epidimieen uit met dysenterie, malaria en pokken. De bevolking klaagt over “kwalijke dampen” maar het ziekte en sterfte cijfer is meer te danken aan de slechte hygienische omstandigheden. Het jaar 1788 begon met grote droogte, waardoor oogsten dreigden te mislukken. In Juli van dat jaar volgde een verwoestende hagel, gevolgd door een extreem barre winter. 

In datzelfde barre jaar van 1788 komt Gerrit te overlijden en hij wordt begraven op 25 September 1788 in Alkmaar. De registers vermelden het nalaten van twee onmondige kinderen. Deze twee kinderen zijn dochter Helena op dat moment 13 jaar oud en dochter Maria die dan slechts 8 jaar oud is.
Trijntje neemt de zorg van de kinderen op zich en is bij het overlijden van Gerrit in verwachting. In Maart van het jaar 1789 bevalt zij van dochter Clara (Klaartje), maar komt kort daarna zelf te overlijden in April 1789. Zij werd begraven op 15 April en de inschrijving vermeld als leeftijd 24 jaar.

Halfbroer Mathias, later Mathijs genoemd, werd geboren uit het huwelijk Barend Zonderhuis en Antje Wessels en werd gedoopt op 17 Februari 1755 in de St Mathias kerk in Alkmaar. 
Mathijs is dus ruim 17 jaar oud als zijn vader komt te overlijden. Over zijn jeugd is verder niet veel bekend, maar op 25  Juli 1779 huwt hij in Alkmaar (stadstrouw) met Maria Korte.
Dezelfde inschrijving vermeld weer jongman en jongedochter, dus beiden niet eerder gehuwt. Maria is een aantal jaren ouder dan Mathijs, en komt te overlijden in 1794, drie minderjarige kinderen achterlatend: Johannes, Mathijs en Maria.

Ook Matthijs huwt een tweede maal, op 14 Augustus 1796 met Jacoba Maatjes die wel in Alkmaar woonde maar geboren was in Katwijk Binnen.
Uit dit tweede huwelijk worden weer drie kinderen geboren, maar ook Jacoba komt jong te overlijden in 1800 en werd 44 jaar oud.
Matthijs blijft weer alleen achter, en komt vijf jaar later te overlijden in September 1805 met de achterlating van drie minderjarige kinderen. Verder vermeld het rigister zijn leeftijd als 51 jaar en woonde hij ten tijde van zijn overlijden aan het Zeglis, dus net buiten de stad.

Generatie drie

Met deze derde generatie komen we rond de tijd van de invoering van de burgerlijke stand die werd ingevoerd door Napoleon in 1811. Het zoeken naar de nakomelingen wordt hiermee een aangenaam stuk makkelijker.

Gerardus Sonderhuis, of ook Gerrit Barendszn, bleef achter met twee dochters uit het eerste huwelijk: Helena en Maria. Dochter Clara (Klaartje) uit het tweede huwelijk die achterbleef toen Gerrit stierf, werd niet ouder dan 11 jaar en kwam te overlijden in 1799.

Helena huwt later met een Willem Jonker, geboortig van Schagen en overleden in Alkmaar ongeveer 84 jaar oud.
Deze Willem is waarschijnlijk niet geheel en al onbemiddeld geweest, en na het overlijden van Willem verkoopt Helena  alles wat zij als weduwe erfde:
Een tuin groot 30 roeden, aan de Hoornsche vaart; een huis in Ouddorp en een pakhuis in Alkmaar gelegen aan de Zijdam.
Hierna verhuist zij naar Den Helder waar zij een nieuwe winkel opent. Zij komt te overlijden in Den Helder, ongeveer 70 jaar oud op 28 Januai 1846.

De tweede dochter Maria huwt Franciscus Rooders en komt zo bij mijn directe voorouders terecht, de reden dat de naam Zonderhuis nader onderzocht werd.
Maria komt te overlijden in 1830, in Alkmaar, en met deze twee dochters sterft de naam hier uit.
 
Mathias Zonderhuis, of Matthijs Barendsz, was geboren uit het tweede huwelijk tussen Barend en Antje Wessels. Uit zijn twee huwelijken kwam een totaal van 10 kinderen voort. Van deze kinderen zullen de volgende zonen in het huwelijk treden:

Joannes (Jan) Zonderhuis, huwt Trijntje Keele, geen kinderen bekend.
Mathijs Zonderhuis, huwt Cornelia Spegt of Spigt, 6 kinderen bekend.
Bernardus Zonderhuis, huwt Catharina Jol, 12 kinderen bekend.

Het is met deze kinderen en de latere generaties dat de naam Zonderhuis voort blijft bestaan.
 
Al in al was het een zwaar en hard leven, met name de jaren aan het einde van de 18e eeuw.
Oorlogen, natuur rampen, de Frans bezetting onder Napoleon en de algemene (vaak) erbarmelijke omstandigheden waaronder onze voorouders leefden en een bestaan vonden.
Met hard werken en doorzetten vonden zij hun weg. Er waren huwelijken, kinderen werden geboren en families gevormd.
Sommigen groter dan anderen, dit laatste weer door de hoge kindersterfte in die tijd. Tranen werden gelaten op kerkhoven, maar zonder hun bestaan hadden wij niet geleefd.
Net als de naam Rooders, bleef de naam Zonderhuis vrij klein binnen Nederland. Met dit stuk is er weer een stukje historie naar boven gehaald.  

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *